Accountants BV
Amsterdam | Zaanstad | info@duidelijk.ac | 075 76 00 800
Login



Bijzonder uitstel van betaling van belastingen

We krijgen veel vragen over bijzonder uitstel van betaling van belastingen. Daarom hebben we op deze pagina een uitleg opgenomen over hoe het aanvragen van uitstel werkt. Daaronder nemen we de reguliere (reeds bestaande) regelingen op.

Het kabinet heeft besloten dat ondernemers nog tot en met 30 september 2021 een beroep kunnen doen op het versoepelde uitstelbeleid voor de betaling van belastingschulden. Eerder was het uitstel al diverse malen verlengd, als laatste tot 30 juni 2021. Het uitstel voor nieuw opkomende verplichtingen wordt nu verleend tot uiterlijk 1 oktober 2021.

Wat gebeurt er na 1 oktober 2021 voor bedrijven die bijzonder uitstel hebben aangevraagd?
Ondernemers die door de coronacrisis betalingsproblemen hebben, kunnen tot 1 oktober 2021 drie maanden bijzonder uitstel van betaling aanvragen of een eerdere aanvraag verlengen. Loopt het bijzonder uitstel af, dan moet bij de eerstvolgende aangifte na 30 september 2021, de belasting weer op tijd worden betaald.

Vanaf 1 oktober 2021 hebben de ondernemers 12 maanden de tijd voor ze beginnen met het aflossen van hun opgebouwde belastingschuld. Ze hoeven dus pas vanaf 1 oktober 2022 te starten met betalen. Daarvoor krijgen ondernemers 5 jaar de tijd. Uitstel wordt dus tot uiterlijk 1 oktober 2027 verleend. Bij de vaststelling van deze termijnen is ervan uit gegaan dat de coronacrisis de komende maanden niet verergert. Als de ontwikkeling van het coronavirus met nieuwe of verscherpte maatregelen daar aanleiding toe geeft, gaat het kabinet hier opnieuw naar kijken.’

Belasting derde kwartaal 2021 tijdig betalen
Betalingsverplichtingen die ontstaan na afloop van het bijzonder uitstel moeten op de normale manier worden voldaan. Over de volgende tijdvakken dient weer binnen de gebruikelijke termijnen te worden betaald:
  • het 3e kwartaal van 2021,
  • de maand september 2021,
  • de 9e vierwekenperiode van 2021
En daarna over de volgende tijdvakken. Lukt dat niet, dan kan altijd nog volgens de gebruikelijke regels betalingsuitstel worden aangevraagd of kan een betalingsregeling worden afgesproken (zie ook hieronder).

Betalingsregeling
Voor het betalen van de uitgestelde belasting krijgen ondernemers de tijd tot 1 oktober 2027. Gedurende 60 maanden wordt dan maandelijks een vast bedrag betaald. Eerder afbetalen en extra aflossen is mogelijk. Als de betalingsregeling loopt, verrekent de Belastingdienst geen belastingteruggaven met de belastingschuld. Ook wordt er in die periode geen zekerheid gevraagd voor de schuld. Het tarief van de invorderingsrente blijft tot en met 31 december 2021 0,01%. Vanaf 1 januari 2022 wordt het percentage invorderingsrente vastgesteld op 1%. Op 1 juli 2022 wordt de rente verhoogd naar 2%. Vervolgens wordt de rente jaarlijks verhoogd met één procentpunt naar het gebruikelijke tarief van 4%. Dat betekent dat de rente op 1 januari 2023 op 3% wordt vastgesteld en vervolgens op 1 januari 2024 op 4%.

Drie brieven
Ondernemers werden in september 2020 met een brief geïnformeerd over de afwikkeling van het bijzonder uitstel. In december 2020 zou een brief volgen met een voorlopig overzicht van de belastingschuld, de voorwaarden van de betalingsregeling en het maandbedrag. Door de aanpassingen in de regeling heeft de fiscus deze brieven niet verstuurd. Nu de regeling voor bijzonder uitstel langer loopt kan de Belastingdienst de betreffende ondernemers pas na 1 oktober 2021 informeren over de hoogte van de belastingschuld die onder de betalingsregeling van 60 maanden valt. Tot slot volgt er daarna nog een brief met een definitief overzicht van de belastingschuld en zonodig het aangepaste maandbedrag van de betalingsregeling.

Onderstaand een overzicht van de diverse betalingsregelingen voor zowel de uitgestelde belastingen als voor de belangrijkste andere steunmaatregelen van de overheid:


HOE WERKT HET AANVRAGEN VAN UITSTEL

Om welke belastingen gaat het?
Er kan uitstel worden gevraagd voor (onder andere) alle aanslagen inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, omzetbelasting (btw) en loonheffingen.

Let op! voor de voorlopige aanslagen voor 2020 en 2021 is het niet mogelijk om uitstel van betaling aan te vragen. Je kunt wel de voorlopige aanslag laten verminderen. Hoe je dat doet lees je hier.

Hoe vraag je uitstel aan?
Vanaf 2 april 2020 kan uitstel worden aangevraagd met een online formulier. Hiervoor dien je in te loggen met je DigiD. 

Nadat de Belastingdienst je verzoek heeft ontvangen, stopt de Belastingdienst met invorderingsmaatregelen. Je krijgt automatisch 3 maanden uitstel van betaling. Een boete voor het niet op tijd betalen van btw of loonheffingen hoef je niet te betalen. 

Ook voor nieuwe aanslagen
Als je in de tussentijd nieuwe belastingaanslagen krijgt, geldt ook voor die nieuwe belastingaanslagen de bovenstaande termijn waarvoor de Belastingdienst de invordering stillegt. Je hoeft dus niet voor elke belastingaanslag apart uitstel te vragen.

Verlening van het uitstel
Mogelijk is een betalingsuitstel van 3 maanden te kort. Je kunt dan verlenging van het uitstel vragen. De Belastingdienst vraagt dan aanvullende informatie waaruit blijkt dat de betalingsproblemen hoofdzakelijk zijn veroorzaakt door de coronacrisis. Bij een verlening van het uitstel wordt voor bedragen onder € 20.000 geen verklaring van een derde deskundige vereist (bijvoorbeeld accountant of brancheorganisatie). Het kabinet wil de administratieve lasten van het aanvragen van uitstel van betaling zo beperkt mogelijk houden. Wel zal de Belastingdienst gegevens opvragen waaruit blijkt dat de omzetcijfers of bestellingen/ reserveringen aanzienlijk zijn gedaald ten opzichte van de voorgaande maanden. Bij een financieel belang van € 20.000 of meer, blijft wel een verklaring van een derde-deskundige vereist. 

Bij uitstel van meer dan 3 maanden geldt bovendien dat de ondernemer moet verklaren geen dividenden of bonussen uit te keren of eigen aandelen in te zullen kopen. 

Wanneer vraag je uitstel aan?
Uitstel kun je pas aanvragen nadat een aanslag is opgelegd. De omzetbelasting en de loonheffing zijn hierbij bijzondere belastingen, omdat dit aangiftebelastingen zijn. Hieronder lichten we dat toe.

Tot wanneer krijg je uitstel
Het uitstel geldt voor 3 maanden en gaat in op de dag van de aanvraag van het uitstel. Voor eventuele latere aanslagen geldt dezelfde datum als voor de aanslag waarop het eerst uitstel is aangevraagd.

Voorbeeld:
De ondernemer ontvangt een naheffingsaanslag loonheffingen over het tijdvak februari. De dagtekening is 21 april 2020 en de uiterste betaaldatum 5 mei 2020. Met dagtekening 1 mei 2020 dient de ondernemer een verzoek om bijzonder uitstel in. De invordering wordt dan opgeschort tot 1 augustus 2020.  
Met dagtekening 21 mei 2020 volgt de naheffingsaanslag loonheffingen over maart. De ondernemer hoeft voor deze aanslag niet afzonderlijk uitstel te vragen. De Belastingdienst schort de invordering ook voor deze aanslag automatisch op tot 1 augustus 2020. Beide aanslagen moeten dus 1 augustus betaald zijn.

Vennootschapsbelasting en inkomstenbelasting
De vennootschapsbelasting en de inkomstenbelasting zijn aanslag belastingen. Dit wil zeggen dat je normaliter eerst aangifte doet, dan een aanslag ontvangt en vervolgens betaalt. Je kunt voor deze belastingen uitstel aanvragen zodra de aanslagen zijn opgelegd. 

BTW en loonheffing
De BTW en de loonheffing zijn aangiftebelastingen; je betaalt de belasting op basis van de aangifte. Van deze belastingen krijg je dus normaliter geen aanslag. Alleen als je niet of niet tijdig betaalt, dan ontvang je een (naheffings) aanslag. 

Als je uitstel van betaling wilt voor de BTW en de loonheffing, dan kun je dat niet vooraf aanvragen. De procedure is als volgt: je doet gewoon je aangifte, net zoals je anders ook zou doen. De betaling doe je (nog) niet. Je ontvangt dan automatisch een (naheffings) aanslag. Op basis van de aanslag vraag je uitstel aan. Het is wel belangrijk dat je de aangifte op tijd doet.

Boete hoef je niet te betalen
Je hoeft geen boete te betalen. Het is voor de Belastingdienst niet haalbaar de boetes niet op te leggen. Er wordt dus wel een boete vermeld op de naheffingsaanslag. Deze boete hoeft niet betaald te worden als je een beroep doet op de bijzondere uitstelregeling. Ook hoeft tegen deze boete geen bezwaar te worden gemaakt. De boete wordt automatisch vernietigd.

Belastingrente/ invorderingsrente
De belastingrente en invorderingsrente worden tijdelijk verlaagd naar 0.01%, deze verlagingen zouden oorspronkelijk gelden tot 1 oktober 2020.

De tijdelijke verlaging van de invorderingsrente naar 0,01% is verlengd tot en met 31 december 2021. De belastingrente is echter per 1 oktober 2020 weer omhoog gegaan naar 4%, omdat dit een prikkel is om op tijd aangifte te doen.

Nadere uitleg

Invorderingsrente
Als een aanslag niet op tijd wordt betaald, moet normaal gesproken 4% invorderingsrente worden betaald vanaf het moment dat de betaaltermijn is verstreken. Vanaf 23 maart 2020 is de invorderingsrente tijdelijk verlaagd van 4% naar 0,01%. Deze tariefsverlaging geldt voor alle belastingschulden tot en met 31 december 2021.

Belastingrente
Belastingrente wordt gerekend als een aanslag te laat wordt vastgesteld, bijvoorbeeld omdat de aangifte niet voor de eerste deadline of niet voor het juiste bedrag wordt ingediend bij de Belastingdienst. Het tarief van de belastingrente was 8% voor de vennootschapsbelasting en 4% voor overige belastingen. De belastingrentepercentages zijn tot en met 1 oktober 2020 tijdelijk verlaagd naar 0,01%. Deze verlaging geldt voor alle belastingen waarvoor belastingrente geldt. Vanaf 1 oktober 2020 is de belastingrente voor alle belastingen verhoogd naar 4%.

Vanaf wanneer?
Om uitvoeringstechnische redenen gaat de tijdelijke verlaging van het percentage van de belastingrente in vanaf 1 juni 2020. De enige uitzondering hierop vormt de tijdelijke verlaging van het percentage van de belastingrente in de inkomstenbelasting, die ingaat vanaf 1 juli 2020.

Waarom 0,01%?
Omdat het uitvoeringstechnisch niet mogelijk is het percentage naar 0% te verlagen, worden alle rentepercentages (tijdelijk) vastgesteld op 0,01%.

G-rekening
Om te zorgen dat het tijdelijke uitstelbeleid ook voor ondernemers met een g-rekening soelaas biedt, is een aanvullende maatregel genomen. Een g-rekening is een geblokkeerde bankrekening waarmee normaal gesproken alleen de loonheffing en de btw aan de Belastingdienst kunnen worden betaald. Het gaat hier bijvoorbeeld om ondernemers in de uitzendbranche en de bouw. Naast de bestaande mogelijkheid voor het deblokkeren van overschotten, is het ook mogelijk om de g-rekening vrij te geven ter hoogte van het bedrag waarvoor bijzonder uitstel van betaling is verleend. Hierdoor krijgen deze ondernemers dezelfde mogelijkheden als ondernemers zonder g-rekening. Een instructie voor het aanvragen van de (aanvullende) deblokkering wordt op de website van de Belastingdienst geplaatst.

 
Melding betalingsonmacht niet nodig bij bijzondere uitstelregeling vanwege corona
Wanneer een BV (of andere rechtspersoon, zoals een stichting of vereniging) niet in staat is om de periodiek verschuldigde belasting te betalen, dient zij normaliter ter voorkoming van aansprakelijkheid van de bestuurders een melding van betalingsonmacht te doen. Zolang de betalingsachterstand niet is ingelopen hoeft geen nieuwe melding te worden gedaan. Dat geldt ook voor na de melding opgelegde naheffingsaanslagen. De Belastingdienst heeft hier speciale formulieren voor ontwikkeld. Je moet bij een melding betalingsonmacht ook toelichten waardoor de onmacht tot betaling is ontstaan. Een melding is tijdig bij de Belastingdienst binnengekomen wanneer deze is ingediend binnen 2 weken na de dag waarop de verschuldigde belasting behoorde te zijn betaald.

Het ministerie van financiën heeft besloten dat een aparte melding van betalingsonmacht in deze coronacrisis niet meer nodig is als er al om uitstel van betaling van de loonheffingen en/of BTW is verzocht van een rechtspersoon die onder de vennootschapsbelasting valt. Dit geldt voor zowel de al verstreken als voor de toekomstige tijdvakken. 

Reguliere regeling uitstel van betaling van belastingen

Telefonische aanvraag om kort uitstel (maximaal 4 maanden)
De reeds bestaande regeling voor uitstel van belastingen ziet er als volgt uit:
Je kunt telefonisch uitstel van betaling aanvragen voor 4 maanden vanaf de uiterste betaaldatum van de aanslag. Hiervoor dient te worden voldaan aan de volgende voorwaarden:
  • In het verleden is steeds op tijd aangifte gedaan.
  • Er is niet eerder voor deze aanslag of voor andere openstaande aanslagen uitstel van betaling gekregen vanwege betalingsproblemen.
  • De totale openstaande belastingschuld is minder dan € 20.000.
  • Er zijn geen openstaande aanslagen waarvoor een dwangbevel is opgelegd.
  • Het betreft geen voorlopige aanslag inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting over 2021 met een datum vóór 1 november 2021.
Je kunt alleen kort telefonisch uitstel van betaling krijgen voor een (naheffings)aanslag. Voor btw en loonheffingen kan dus pas uitstel van betaling worden aangevraagd na ontvangst van een naheffingsaanslag en niet voor de betaling op aangifte.
Telefonisch uitstel kan worden aangevraagd via de Belastingtelefoon: 0800-0543.
Let op! Als je gebruik maakt van deze regeling, kan daarna geen andere betalingsregeling meer worden getroffen voor dezelfde aanslag!

Betalingsregeling voor maximaal 12 maanden
Als niet wordt voldaan aan de voorwaarden voor kort uitstel, of als naar verwachting een langere periode dan 4 maanden (maximaal 12 maanden) uitstel nodig is, kan een schriftelijk verzoek bij de Belastingdienst worden ingediend. Dit formulier is te downloaden van de site van de Belastingdienst. In dit geval is een zekerheidsstelling, zoals een bankgarantie of een hypotheekrecht noodzakelijk. 
Let op! Wellicht is het verstandiger om bijzonder uitstel aan te vragen.

Heb je een BV of ben je bestuurder van een stichting of vereniging? Vergeet de melding betalingsonmacht niet
Wanneer een BV (of andere rechtspersoon, zoals een stichting of vereniging) niet in staat is om de periodiek verschuldigde belasting te betalen, dient zij ter voorkoming van aansprakelijkheid van de bestuurders een melding van betalingsonmacht te doen. Zolang de betalingsachterstand niet is ingelopen hoeft geen nieuwe melding te worden gedaan. Dat geldt ook voor na de melding opgelegde naheffingsaanslagen. De Belastingdienst heeft hier speciale formulieren voor ontwikkeld. Je moet bij een melding betalingsonmacht ook toelichten waardoor de onmacht tot betaling is ontstaan. Een melding is tijdig bij de Belastingdienst binnengekomen wanneer deze is ingediend binnen 2 weken na de dag waarop de verschuldigde belasting behoorde te zijn betaald.

 Fiscale coronareserve in de vennootschapsbelasting
Om ervoor te zorgen dat zo veel mogelijk geld bij de bedrijven blijft, wordt het mogelijk om verliezen die bedrijven die belastingplichtig zijn voor de vennootschapsbelasting dit jaar verwachten te lijden, alvast in aanmerking nemen bij het bepalen van de winst van 2019. Normaal kan dit ‘verrekenen’ pas plaatsvinden bij het doen van de aangifte vennootschapsbelasting 2020, wat niet eerder dan begin 2021 of later zal zijn. Het kabinet vindt het onwenselijk als bedrijven zo lang moeten wachten op die mogelijkheid. Daarom zal het kabinet het voor deze bedrijven mogelijk maken om voor de vennootschapsbelasting het verwachte verlies voor het jaar 2020 door de coronacrisis als fiscale coronareserve ten laste van de winst van het jaar 2019 te brengen. Hierbij geldt dat deze coronareserve niet hoger mag zijn dan de winst van 2019.  Terug
Webdesign door Lined webdevelopment
www.duidelijk.ac gebruikt cookies om de website te verbeteren en te analyseren, voor social media en om ervoor te zorgen dat je relevante advertenties te zien krijgt. Als je meer wilt weten over deze cookies, klik dan hier voor ons cookie beleid. Bij akkoord geef je www.duidelijk.ac toestemming voor het gebruik van cookies op onze website.
 Cookies NIET accepteren